Je hebt je vrienden uitgenodigd voor een uitgebreid diner of je hebt misschien wel een date gepland waarbij je je kookkunsten wilt vertonen. Het menu is samengesteld, de boodschappen zijn gedaan en de tafel is gedekt. Er is echter één onderdeel dat voor veel mannen nog wel eens voor de nodige stress kan zorgen: de wijnkeuze. Want welke fles trek je nu open bij welk gerecht? Het is de finishing touch die je avond kan maken of breken. Geen zorgen, je hoeft geen gediplomeerd vinoloog te zijn om een goede combinatie op tafel te zetten.
De basisregels voor wijn en spijs
Vaak wordt er gedacht dat wit alleen bij vis hoort en rood bij vlees. Hoewel dit een veilige vuistregel is, is de realiteit een stuk interessanter. Het gaat vooral om de intensiteit van de smaak. Serveer je een licht gerecht? Dan kies je voor een lichte wijn. Heb je een zwaar, gekruid gerecht? Dan mag daar een stevige krachtpatser tegenover staan. Het doel is dat de wijn en het eten elkaar versterken, zonder dat de één de ander overheerst.
Frisse wit voor verfijnde gerechten
Begin je de avond met een voorgerecht van schaal- en schelpdieren, of serveer je een geitenkaas salade? Dan zoek je een wijn met een hoge zuurgraad en frisse tonen. Frankrijk is natuurlijk het klassieke wijnland bij uitstek om hierin te slagen. Een waanzinnig populaire keuze voor dit soort gerechten is de sancerre uit de Loire-streek. Deze wijn staat bekend om zijn strakke, droge karakter en minerale afdronk, waardoor hij perfect door de vettigheid van bijvoorbeeld kaas of vis heen snijdt. Hiermee laat je direct zien dat je over de combinatie hebt nagedacht.
Aromatisch en veelzijdig
Niet iedereen houdt van gortdroog, en sommige gerechten vragen om net wat meer fruit en aroma. Denk bijvoorbeeld aan de Aziatische keuken of gerechten waar net wat meer pit in zit. Een wijn die hier verrassend goed bij kan werken, komt vaak uit de koelere wijnstreken zoals Duitsland of de Elzas. De druif die hier de koning is, is zonder twijfel de riesling, die bekend staat om zijn enorme veelzijdigheid. Van strak droog tot weelderig zoet; met deze druif kun je alle kanten op. Het mooie is dat deze wijnen vaak een lager alcoholpercentage hebben, waardoor je na een paar glazen nog steeds scherp bent voor het gesprek aan tafel.
Let op de temperatuur
Tot slot nog een punt waar veel winst te behalen valt: de temperatuur. Veel mannen serveren hun witte wijn ijskoud uit de koelkast en hun rode wijn op kamertemperatuur (wat in moderne huizen vaak 21 graden is). Dit is zonde. Witte wijn mag best ietsje opwarmen om de aroma’s los te maken, en rode wijn komt vaak beter tot zijn recht als hij licht gekoeld is, rond de 16 tot 18 graden. Door hier aandacht aan te besteden, haal je het maximale uit je zorgvuldig uitgekozen fles.
Het kiezen van de juiste wijn hoeft geen hogere wiskunde te zijn. Door te kijken naar de zwaarte van je gerecht en te kiezen voor klassieke combinaties, zit je vaak al goed. Proost op een geslaagde avond!
